Hoe reken je een procentuele toename uit?
Deel de toename door het oude getal en maak er procent van. Van 50 naar 60 is een toename van 10. 10 van de 50 is 1/5, en dat is 20%.
In groep 8 gaat procentrekenen verder: korting en wisselgeld in één som, een procentuele toename, percentages in cirkeldiagrammen en zelfs meer dan 100%. Procenten komen veel voor in de doorstroomtoets. Hier oefent uw kind gratis, met uitleg bij elk antwoord.
Op deze pagina komen 8 soorten sommen voorbij, uit de toetsen van groep 8 (B8):
Een fiets kost € 240. Je krijgt 15% korting. Hoeveel betaal je?
Antwoord: € 204
Veel kinderen rekenen de korting goed uit, maar halen die niet van de prijs af. Bij 25% korting op € 60 kiezen ze € 15, terwijl de vraag is wat je betaalt: € 45. Leer uw kind bij elke kortingssom twee vragen te stellen: hoeveel is de korting, en wat betaal je dan?
Deel de toename door het oude getal en maak er procent van. Van 50 naar 60 is een toename van 10. 10 van de 50 is 1/5, en dat is 20%.
Ja, procenten horen bij het rekendomein verhoudingen. Vaak gaat het om korting, een prijsstijging of een deel van een groep, en meestal in een verhaaltje.
Nee. Het zijn eigen oefenvragen op het niveau van groep 8, in de stijl van de toetsen op school (Cito, IEP en Boom). Elke vraag wordt nieuw gemaakt, dus uw kind raakt nooit door de vragen heen.
Schoolwegwijzer is niet verbonden aan Cito, Bureau ICE of Boom. De oefenvragen zijn eigen materiaal.