Hoe vergelijk je twee aanbiedingen?
Reken beide om naar dezelfde hoeveelheid, bijvoorbeeld de prijs van één stuk of van een kilo. Dan ziet uw kind meteen welke aanbieding voordeliger is.
In groep 8 komen verhoudingen terug in langere verhaaltjes: welke aanbieding is het voordeligst, hoeveel scheelt het tussen twee aankopen, en hoe groot wordt iets als je het in dezelfde verhouding vergroot? Hier oefent uw kind gratis, met uitleg bij elk antwoord.
Op deze pagina komen 3 soorten sommen voorbij, uit de toetsen van groep 8 (B8):
Bij winkel A kosten 3 pakken € 4,50. Bij winkel B kosten 4 pakken € 5,60. Waar is één pak goedkoper?
Antwoord: bij winkel B
Kinderen tellen vaak op in plaats van te vermenigvuldigen. Kosten 3 pakjes € 2, dan denken ze dat 6 pakjes € 5 kosten: 3 pakjes erbij, dus 3 euro erbij. Maar 6 pakjes is twee keer zoveel, dus € 4. Een verhoudingstabel helpt: wat je boven doet, doe je onder ook.
Meer lezen: 1F, 2F en 1S uitgelegd
Reken beide om naar dezelfde hoeveelheid, bijvoorbeeld de prijs van één stuk of van een kilo. Dan ziet uw kind meteen welke aanbieding voordeliger is.
Verhoudingen zitten in veel opgaven: bij prijzen, recepten, schaal en snelheid. Een kind dat een verhoudingstabel kan gebruiken, heeft daar bij veel sommen houvast aan.
Nee. Het zijn eigen oefenvragen op het niveau van groep 8, in de stijl van de toetsen op school (Cito, IEP en Boom). Elke vraag wordt nieuw gemaakt, dus uw kind raakt nooit door de vragen heen.
Schoolwegwijzer is niet verbonden aan Cito, Bureau ICE of Boom. De oefenvragen zijn eigen materiaal.